Blog: "Lang leve standaardisatie"

Gepubliceerd op: 15/12/2017
5 minuten lezen

Herman Bennema
Geschreven door
Herman Bennema
Directeur
‘Verschillende talen spreken in de zorg hoeft geen probleem te zijn, zolang je elkaar maar begrijpt. Daarvoor heb je een goede en gemakkelijke vertaalmethode nodig. Lees: standaarden die iedereen gebruikt.’

“Vorige week verscheen een rapport van Berenschot in opdracht van de NZa met als titel ‘Compliance handvatten, voor zorgaanbieders van intra- en extramurale verpleging en verzorging’. Interessante materie, alhoewel het vraagstuk niet nieuw is. Zorgaanbieders van intra- en extramurale verpleging en verzorging, ontvangen sinds 1 januari 2015 financiering vanuit verschillende bronnen: de Zorgverzekeringswet, de Wet langdurige zorg en de Wet maatschappelijke ondersteuning. Zij maken hierover afspraken met zorgverzekeraars, zorgkantoren en/of gemeenten. Het declareren van al die zorg dient te gebeuren volgens de geldende wet- en regelgeving. Tot zover, helder.

Een gemeente spreekt een andere ‘taal’ dan een zorgverzekeraar. Zolang iedereen altijd weet waarover het gaat, is er geen probleem. Als dat echter niet zo is, dan is efficiency ver te zoeken. Het is een utopie te denken dat er binnen de zorgsector overal dezelfde taal wordt gesproken. Het is net zoals bij het Esperanto. Deze universele taal komt maar niet van de grond, want er hangt nu eenmaal veel sentiment rond de eigen cultuur en taal: ‘Mijn taal is beter dan jouw taal’. Dus waarom zou je voor Esperanto kiezen als Nederlands voldoet? Dat werkt zolang je in Nederland blijft. Over de grens verstaan ze je niet meer. Dit zien we ook terug binnen de zorg, door de grenzen van zorgdomeinen en de verschillende processen. En dat zit ons in de weg.

Verschillende talen spreken in de zorg hoeft geen probleem te zijn, zolang je elkaar maar begrijpt. Daarvoor heb je een goede en gemakkelijke vertaalmethode nodig. Lees: standaarden die iedereen gebruikt. Integrale standaarden over de grenzen van alle wetten en zorgdomeinen heen. Met name voor zorgaanbieders die in alle domeinen werkzaam zijn (zoals ggz-instellingen) is dit belangrijk. Daarmee draag je bij aan minder administratie. Maar eenduidige standaarden zijn ook cruciaal voor de informatievoorziening aan beleidsmakers en andere belanghebbenden in de zorg.

Ik noemde het al aan het begin van dit betoog: het vraagstuk is niet nieuw. Al jaren stelt Vektis de declaratiestandaarden in Nederland op en beheert deze voor alle zorgdomeinen. Dit gebeurt in opdracht van de partijen die direct bij het declaratieproces betrokken zijn: de zorgaanbieders en de betalers van de zorg. Het beheer van standaarden levert veel interessante data op. Zo kan Vektis op relatief eenvoudige wijze informatie over domeingrenzen heen genereren.

Het interesseert een patiënt niet uit welk potje de zorg die hij nodig heeft vergoed wordt. Als die zorg maar efficiënt geleverd wordt. De zorg is leidend, de processen en systemen zijn ondersteunend. Maar laten we het de zorgaanbieders vooral zo gemakkelijk mogelijk maken bij het declareren van geleverde zorg. Lang leve standaardisatie. “

Herman Bennema